Img_0280.jpg (35145 bytes)

 

 

 

Geschiedenis:

De stoomlocomobiel is in 1895 gebouwd door de Firma Ten Horn te Veendam met fabrieksnummer 35.

Er is uit de archieven van het Stoomwezen informatie beschikbaar gekomen over de historie van deze machine over de periode 1895 tot 1919. Waarschijnlijk naar aanleiding van een verzoek door het Openluchtmuseum bij het Stoomwezen District Arnhem in 1981

De brief van het Stoomwezen:


17 juli 1981.

Amice,

Naar aanleiding van je telefonisch verzoek zend ik je hieronder de gegevens voor zover deze alhier in de registratie van het Stoomwezen te vinden zijn- Na 1919 is er niets meer over de ketel vermeld. Verdere gegevens mogelijk nog aanwezig bij het 6e District te Groningen. Succes en met vriendelijke groeten

Techn.gegevens: Stalen ketel, 13 (later 12,7) pk en 14 m2 verwarm., oppervlak (of andersom), bouwjaar 1895, 7,3 at werkdruk, fabr.J. ten Horn te Veendam, fabrieksnr.35, aanvankelijk fabrieksketel, na 1901 locomobiel genoemd.

In 1895 geplaatst bij de Steen- en Pannenfabriek D.Bosscher, Ommelanderwijk, Veendam: akte van 25 Juli 1895, registernummer 65.

1906, 7 Januari: Over aan de Steenfabriek nr.2 in Ulsda-Beerta van H.G.Strating te Nieuwe-Pekela, akte dd.10 Juni 1907, no.200 registernummer 623.

1907, 27 April: Over aan K.Moed te Winschoten, wordt gebruikt voor de "verhuur"; akte dd.1 April 1908, no.944S, registernummer 497

1909, 4 Mei: Over aan de N.V.Ned.Industrie Mij te Winschoten (waarvan Moed waarschijnlijk directeur was); akte dd.11 September 1909, no.2584S.

1915, 5 Juni: Over aan R.Bossema. vervener te Emmererfscheiderveen akte dd.16 mei 1916, no.1358S; registernummer 214 (Drente).

1918, 28 Mei: Over aan J.Dokter te Nieuw-Weerdinge;akte dd.8 Januari 1919, no-31S.

N.B. Ofschoon:het laatste, hier aanwezige register loopt t/m 1925, is de ketel in 1919 voor het laatst gevisiteerd, In 1919 is de administratie op kaart gezet. CdB.


In 1931 is de locomobiel gekocht door het Henry Ford Museum te Greenville USA en in het museum ten toon gesteld.
Over de periode 1919 to 1931 ontbreken de gegevens. Het is ook niet bekend wie de locomobiel verkocht aan het Amerikaanse Museum en in welke staat de machine op dat moment verkeerde.

In 1979 is de machine door het Henry Ford Museum verkocht aan het Openluchtmuseum te Arnhem en daar tot 1995 ten toongesteld in de "boerderij uit Beerta".
Een brand heeft de boerderij verwoest en ook de locomobiel enigermate beschadigd. Van 1995 tot 2001 is de locomobiel in opslag geweest bij het Openluchtmuseum

 

Deze afbeelding is beschikbaar gesteld door het Henry Ford Museum.

Naar alle waarschijnlijkheid is de foto genomen op de locatie in het museum te Greenville in Amerika, waar de locomobiel ten toon werd gesteld tot 1979.

Het Openluchtmuseum wil de locomobiel weer graag in een toonbare staat terug brengen.

Zij heeft daartoe kontakt gezocht met de Vereniging tot Behoud van Stoomwerktuigen te Nijkerk. De Vereniging zal in de periode september 2001 tot september 2002 de locomobiel conserveren en zo mogelijk restaureren (weer onder stoom brengen).

Dit laatste alleen als de ketel nog stoomwaardig is of tegen geringe kosten weer stoomwaardig gemaakt kan worden

De Locomobiel

De locomobiel is gebouwd volgens algemene kenmerken. De vorm en uitvoering van stoomketel en drijfwerk voor locomobielen en stoomtractoren kregen rond 1860 hun definitieve vorm, vooral beinvloed door de Engelse bouwers. Gedurende ruim 80 jaar zijn deze machines gebouwd, zowel in Engeland als op het Continent, volgens vaste principes.

De locomobiel heeft een stoomketel met inwendige vuurkist en vlampijpen.
De buitenvuurkist meet 1400 x 1000 mm. De ketel heeft een doorsnede van 800 mm en is 2000 mm lang.
Er zijn 28 vlampijpen met een uitwendige doorsnede van 50 mm en een lengte van 220 mm
Het verwarmd oppervlak is 12,7 m2, de werkdruk is 7,2 Bar
De stoomverdeling vindt plaats door middel van een bakschuif
De toerenregeling gebeurt door een Watt-regulateur
De stoomcilinder heeft een doorsnede van 240 mm, de zuiger maakt een slag van 300 mm.
De leibaan is opgebouwd uit twee vlakke delen, de krukas is uit één stuk gesmeed.
Het vliegwiel meet 1500 mm in doorsnede en is 160 mm breed
Het vermogen is 24 Pk bij maximaal 140 omwentelingen per minuut
Er zijn 2 veiligheidskleppen, beide uitgevoerd met een contra gewicht
De voorwielen zijn 1050 mm in doorsnede, de achterwielen 1850 mm, beide met een velg van 140 mm 


Terug naar de eerste pagina                                                                                                       Restauratie